IZO

Samenwerken rond de cliënt: communicatie en databeschikbaarheid als basis voor netwerkzorg

Netwerkzorg vraagt om een naadloze samenwerking over de grenzen van organisaties, domeinen en informatiesystemen heen. Rond één cliënt bewegen professionals uit diverse disciplines: van huisarts en wijkverpleegkundige tot psycholoog, gezinswerker, cliëntbegeleider, sociaal wijkteam en informele zorg. Dit vraagt om meer dan alleen gestandaardiseerde gegevensuitwisseling. Het vraagt om goede communicatie en toegang tot relevante informatie op het juiste moment: van medische data en voortgang op afspraken tot de onmisbare informele afstemming via vrije tekst. Alleen zo ontstaat een gedeeld beeld rond de cliënt.

Netwerkzorg - website.png

Datadelen voor netwerkzorg

Het beschikbaar hebben van de juiste informatie is een van de centrale opgaven binnen netwerkzorg. Samenhangende zorg en ondersteuning aan een cliënt bieden betekent dat steeds meer professionals en domeinen in een netwerk met elkaar samenwerken.

In de dagelijkse praktijk gaat hierbij nog veel tijd verloren aan telefonisch contact, wachten op terugkoppeling, maken van afspraken en dubbele administratie (“knippen en plakken”) in verschillende systemen. Juist in deze context is soepele gegevensuitwisseling en communicatie essentieel om zorg en ondersteuning optimaal op de behoefte van de cliënt af te stemmen.

Praktijkvoorbeelden uit de samenwerking huisarts en VVT

Zorgthuisnl, ActiZ en InEen verzamelden praktijkvoorbeelden van gegevensuitwisseling en communicatie tussen huisartsen en VVT-aanbieders. Deze staan op het IZO-podium.

In regio’s gebeurt al veel om samenwerking te verbeteren, ook zonder één landelijke aanpak. Succesvolle initiatieven combineren drie elementen: organisatie, techniek en mensen. Zoals Tonko Wedda (Platformlid vanuit Zorgthuisnl) het verwoordt:

"Techniek functioneert niet zonder een organisatie en mensen die elkaar kennen en vertrouwen."

De praktijkvoorbeelden schetsen een breed palet van initiatieven. Succesfactoren zijn klein starten, resultaten boeken en daarna opschalen. Bestuurlijk draagvlak, heldere werkafspraken en betrokkenheid van eindgebruikers blijven daarbij essentieel. Tegelijkertijd blijven er uitdagingen. Denk aan:

  • Versnippering doordat regio's oplossingen naast elkaar ontwikkelen die alleen de regio bedienen en bovenregionale samenwerking in de weg staan
  • Landelijke standaarden die de snelheid van de praktijk niet bijbenen
  • Onduidelijke, tegenstrijdige en veranderende juridische kaders voor netwerkzorg, zeker tussen het zorg- en sociaal domein
  • Beperkte capaciteit voor implementatie
  • Financiering van indirecte tijd voor samenwerking

Praktijkcasus: 'snelweg' voor communicatie

Binnen netwerkzorg gaat datadelen niet alleen over standaarden en gestructureerde gegevens, maar ook over dagelijkse afstemming, vragen en berichten tussen betrokkenen rondom een cliënt. Juist die ongestructureerde communicatie bepaalt vaak hoe samenwerking in de praktijk verloopt. OZOverbindzorg en Siilo zijn voorbeelden van een initiatieven die zich specifiek op dat onderdeel richten.

OZOverbindzorg ondersteunt netwerken in zorg en ondersteuning bij het samenwerken rond de cliënt. Door bestaande informatiesystemen te verbinden en netwerken te begeleiden bij werkafspraken en samenwerking, blijft voor iedere professional – in het medisch én sociaal domein – het eigen bronsysteem leidend. Door informatie en communicatie beschikbaar te maken over systemen en domeinen heen, kunnen professionals efficiënter samenwerken: met minder fouten, meer overzicht en meer tijd voor zorg. Gebruikersgemak staat daarbij voorop, met proactieve ondersteuning en maatwerk voor professionals en teams.

Christel Engbers (bestuurder) en Leendert de Gelder (ICT-manager) van OZOverbindzorg benadrukken daarbij hun huidige missie: OZO wil iedereen in het zorgnetwerk verbinden en ontlasten om de totale zorg simpeler, efficiënter en toekomstbestendiger te maken. Niet door een extra applicatie toe te voegen, maar door samenwerking en communicatie over bestaande systemen en domeinen heen te verbinden en te ondersteunen.

“We willen geen extra applicatie zijn, maar een manier om bestaande systemen te verbinden en te ondersteunen.”

OZOverbindzorg vergelijkt hun aanpak met een digitale snelweg: communicatie tussen betrokkenen zonder dat iedereen in hetzelfde systeem hoeft te werken. De oplossing kan worden geïntegreerd in bestaande systemen en werkprocessen. Dat is al gerealiseerd bij de zorgnetwerkomgeving (ZNO) van HINQ. Daarnaast wordt gewerkt aan koppelingen met onder meer Medicom en Pharmacom. Aansluitend op de conclusie van Tonko Wedda vanuit de praktijkvoorbeelden van gegevensuitwisseling tussen huisartsenpraktijk en VVT: ICT is daarbij geen doel op zich, maar een middel om samenwerking eenvoudiger te maken. De techniek volgt de praktijk, niet andersom.

Werkafspraken als sleutel

Een veelgehoorde zorg bij ongestructureerde communicatie in netwerken is dat het aantal berichten toeneemt en vrije tekst niet altijd voor iedereen relevant is. Volgens OZOverbindzorg ligt de oplossing daarvoor niet primair in techniek, maar in duidelijke werkafspraken over gebruik, relevantie en verantwoordelijkheden. In de praktijk blijkt de informatieoverlast die wordt ervaren daardoor vaak mee te vallen. Arenda Jansen (CNIO, wijkverpleegkundige bij IJsselheem en Platformlid) herkent dat perspectief:

“Nu krijg ik informatie vaak telefonisch, ook als die niet direct relevant is. Dan ontvang ik het liever in een bericht, zodat ik zelf kan bepalen of en wanneer ik ermee aan de slag ga.”

Netwerkondersteuning is daarom cruciaal voor het goed functioneren van samenwerking in netwerkzorg.

Adressering in een federatief netwerk

Naast werkafspraken is ook techniek belangrijk. Hoe vinden netwerkpartners elkaar, hoe weten ze dat informatie door de juiste persoon wordt gelezen en gezonden en hoe bepaal je wie welke informatie mag zien? Een belangrijke vervolgstap zit in de manier waarop deelnemers elkaar weten te vinden binnen het netwerk. Leendert schetst de uitdaging van adressering in een federatief model: hoe bepaal je naar wie je een bericht stuurt als systemen verbonden zijn zonder centrale aansturing? Daarvoor wordt gewerkt met de generieke functie ‘adressering’, waarmee gegevens tussen systemen kunnen worden uitgewisseld, zodat een professional ook kan communiceren met iemand buiten het eigen informatiesysteem, bijvoorbeeld vanuit een ECD naar een HIS. Vanuit deze ontwikkeling wordt toegewerkt naar een federatief model waarin techniek, organisatie en samenwerking beter op elkaar aansluiten, met als doel minder administratieve lasten en meer ruimte voor de cliënt.

Samenhang als volgende stap

De voorbeelden uit de samenwerking tussen huisartsen en VVT en de activiteiten van OZOverbindzorg laten zien dat datadelen in netwerkzorg niet draait om één oplossing of één techniek, maar om samenhang tussen communicatie, beschikbare data, werkprocessen en onderlinge afspraken.

Langdurige zorg en ondersteuning blijft mensenwerk. De gezondheidstoestand en daarmee de zorgvraag van een cliënt kan van dag tot dag veranderen en daarmee om andere zorg vragen en dus een andere inzet van een ieder dan vooraf bedacht. Daarom zal ongestructureerde communicatie altijd onderdeel blijven van netwerkzorg, naast de verdere ontwikkeling van gestandaardiseerde en gestructureerde gegevensuitwisseling. De opgave ligt in het verbinden van deze perspectieven, zodat samenwerking rond de cliënt in de praktijk beter wordt ondersteund.

Bekijk ook


Over Platform IZO

Twintig organisaties werken in Informatievoorziening Zorg en Ondersteuning (IZO) samen om de samenhang in de langdurige zorg en ondersteuning te bevorderen. Platform IZO komt maandelijks samen om koers te zetten richting het netwerkperspectief.